Nu is het opstellen en uitwerken van een definitie heel aardig en nuttig. Interessanter is de vraag hoe mensen feitelijk - bewust of onbewust - hun antwoord op een ethische vraag ontwikkelen. Dat is nodig om te weten wat je in het onderwijs kunt doen om leerlingen te leren omgaan met ethische vragen.
De eerste stap of basishandeling is het vaststellen dat je in een concrete situatie iets wel of juist niet hoort te doen. Daarbij ervaar je de spanning tussen verschillende waarden.
De vraag hierbij is welke waarden, die persoonlijk belangrijk worden gevonden, in de concrete omstandigheden in het geding zijn.
Persoonlijke waarden vinden hun oorsprong in de waardegemeenschappen waarvan we deel uitmaken. In deze handeling gaat de persoon na waaraan de waarden ontleent zijn en wat die betekenen.
Het opzetten van een redenering en het bepalen van een standpunt over een concreet ethisch vraagstuk. Deze stap bestaat uit 6 fasen:
Deze laatste basishandeling laat zien dat ethiek niet beperkt is tot het vellen van een oordeel, maar pas iets voorstelt als je dat oordeel omzet in daden
Communicatie is geen aparte stap. Binnen de stappen 1 t/m 5 vindt communicatie plaats. In veel stappen zal deze communicatie vooral vertellend zijn. Deze verhalende communicatie kan naast de inbreng van argumenten ertoe bijdragen dat men in een groep bij een ethische keuze tot een verantwoorde beslissing komt. In stap 4 en 5 zal daarnaast ook een meer argumenterende communicatie moeten plaatsvinden.
Voor de afsluiting van het leertraject variëren van een presentatie, het uitnodigen van een gast uit de beroepenwereld, of een apart aandachtspunt in het stageverslag en/of het sectorwerkstuk.